Zoeken
Recente blogs
Het gebit van een paard
Paarden hebben als ze jong zijn een melkgebit dat als ze ouder worden wordt gewisseld voor een definitief gebit. De wisselingen zijn voor paarden redelijk constant zodat aan de tijd waarop tanden en kiezen wisselen, zelfs vrij betrouwbaar de leeftijd bepaald kan worden
Snijtanden
Een paard heeft 12 snijtanden. Hiervan zitten er 6 in de bovenkaak en 6 in de onderkaak. Tussen de snijtanden en de rest van het gebit is een gedeelte van de kaak waar geen tanden en kiezen staan. Deze gedeelten worden de "Lagen" genoemd. Dit tandenloze gedeelte bestaat zowel in de boven als benedenkaak.
Een veulen krijgt zijn snijtanden:
De middelste 2 (onder en boven) op een leeftijd van 0-8 dagen
De 2 tussen links en rechts van het midden: tussen de 6 en 8 weken
De 2 buitenste 2: op een leeftijd van 6 -8 maanden
Het wisselen van deze snijtanden vindt in dezelfde volgorde plaats bij een leeftijd van 2.5 ,3.5 en 4.5 jaar.
Meestal levert het wisselen van deze snijtanden weinig problemen op. Langzaam maar zeker verdwijnt de wortel van de snijtanden, waardoor ze steeds losser komen te staan. Tegen de tijd dat er vrijwel geen wortel meer over is, valt de melktand eruit en is daaronder de definitieve tand al zichtbaar.
Hangend rooster
Een hangend rooster is een zwelling van het slijmvlies van de bovenkaak net achter de snijtanden.
Bij het wisselen van snijtanden is dit een normaal verschijnsel. Soms echter hebben paarden dit ook terwijl er van wisselen geen sprake is. In sommige gevallen veroorzaakt dit pijn bij het kauwen van vooral harde biks. Je ziet dan dat een paard wel zijn hooi of ander ruwvoer eet, maar moeite heeft met het verwerken van krachtvoer.
Ook in paardenboeken van de 19 e eeuw kom je de beschrijving van dit probleem tegen. Onze voorgangers verzonnen er de meest gruwelijke therapieën voor, bijvoorbeeld het verbranden van het slijmvlies met een gloeiende staaf. Gelukkig zijn er er tegenwoordig betere therapieën.
Als een paard geen last heeft van het gezwollen slijmvlies, is een therapie niet nodig.
Kiesproblemen
Hoe kun je mondproblemen bij het paard vermoeden?
- Problemen met de kiezen manifesteren zich meestal door het maken van proppen. Dit zijn balletjes van hooi die zich verzamelen tussen de kiezen en de wangzak en die later op de grond vallen of in de voerbak zijn terug te vinden.
- Het vasthouden van het bit bij het berijden van het paard. Dit kan veroorzaakt worden door pijn. Deze pijn kan ontstaan door een lastig wolfstandje, of ontstoken mondslijmvlies, dat weer kan ontstaan door beschadiging van dit slijmvlies door scherpe randjes aan de kiezen. Ook punten op de eerste kies van de bovenkaak kunnen pijn veroorzaken. Te heftig gebruik van het bit kan beschadigingen geven aan de lagen, waardoor ook pijn, en dus verzet kan ontstaan. Lang niet alle verzet aan het bit wordt echter door mondproblemen veroorzaakt, trainingsaspecten spelen hierbij vaak een rol.
Wat de wolfstandjes betreft dient vermeld te worden, dat niet alle paarden ze hebben, en dat lang niet alle wolfstandjes problemen veroorzaken. Het is dan ook niet nodig ze zonder meer te verwijderen. - Stank uit de mond kan een teken zijn dat er zich daar een ontsteking voordoet. Ook een vieze lucht met name uit een van de neusgangen kan hierop wijzen. Een ontstoken wortel van een kies in de bovenkaak kan uitkomen in de kaarboezem van de bovenkaak, die weer in verbinding staat met de neus.
- Ook zwellingen aan de kaak kunnen een teken zijn dat er met een van de kiezen wat aan de hand is.
Hoe ontstaan kiesproblemen
- Bij paarden tussen de 2 en 5 jaar zie je nogal eens problemen met doppen. Bij het wisselen van de melkkiezen naar het blijvend gebit, wordt de melkkies door de eronder groeiende echte kies naar boven gedrukt. Blijft de melkkies al het ware als een kapje op de blijvende kies zitten, dan heet dat in het paardenjargon een dop. Zo een dop kan aanleiding geven tot kauwproblemen en het ontstaan van proppen.
- Haken. Om het ontstaan van allerlei oneffenheden op de kiezen te begrijpen, is het nodig te weten dat een paardengebit slijt. De zeer harde kiezen verkleinen het harde hooi, door als molenstenen alles wat er tussenkomt te vermalen. De kiezen die over elkaar schuren slijten hierdoor zelf ook. Daar waar een kies geen tegenpool heeft zal hij dus niet slijten, en in verhouding steeds langer worden. Zit er bijvoorbeeld op de bovenkaak op de eerste kies zo'n punt dan kan die zo lang worden dat het paard bij het kauwen zichzelf in zijn onderkaak bijt. Door de anatomie van de paardenmond zullen aan de bovenkaak aan de buitenkant van de kiezenrij haken verschijnen en als gevolg hiervan aan de tongkant van de onderkaak.
Behandeling
De paardentandarts (dierenarts met paardenervaring) kan scherpe punten op de kiezen met een handrasp verwijderen. Grote onregelmatigheden kunnen vaak alleen netjes verwijderd worden met daarvoor geschikt elektrische apparatuur. Dit geldt met name voor hoge punten op de achterste kies. Om er goed bij te kunnen en geen ongelukken te veroorzaken, moet het paard goed verdoofd zijn en een goede mondsperder in hebben. Een goede controle van het gebit kan het beste met de hand gebeuren, omdat door de diepte van een paardenmond, oneffenheden op de achterste kiezen vrijwel niet te zien zijn .Dit is zonder ervaring, een goede sperder en goede sedatie een gevaarlijke bezigheid.
Voor verdere informatie en het maken van een afspraak met onze paardentandarts neem dan contact op met een van onze dierenartsassistenten van Horse for Life.
